“Enrico Lacruz is een Nederlandse bokser, geboren op 31 augustus 1993 in Arnhem en woonachtig in Huissen. In 2016 nam hij in Rio de Janeiro deel aan de Olympische Spelen.”

Het is eigenlijk mijn broer geweest die er indirect voor gezorgd heeft dat ik begonnen ben met boksen. Dertien jaar was ik toen, want daarvoor basketbalde ik bij de Arnhemia Eagles. Dat was een teamsport, maar er kwamen geregeld wat spelers niet opdagen en dat paste eigenlijk niet bij mijn karakter. Mijn broer bokste en zei altijd; ‘ga eens met me mee’. Toen het op een gegeven moment te vaak voorkwam dat ik geen wedstrijden kon spelen, ben ik meegegaan naar de bokstrainingen. Zo is het begonnen. Basketbal vind ik overigens ook nog altijd leuk.

Mijn start was overigens niet direct fantastisch. Van mijn eerste tien wedstrijden, won ik er maar drie. Het ging daarmee eigenlijk niet zo goed als ik wou en ik twijfelde wel of ik goed genoeg was. Maar ik ging door en vervolgens ben ik steeds meer gaan winnen. In 2011, toen ik 16 was, begon het eigenlijk echt. Toen mocht ik meedoen aan het jeugd EK en dat was voor mij echt het eerste hoogtepunt. Ik werd vijfde, waarna ik een jaar later de overstap maakte naar de elite (volwassenen). Zo ging het in een sneltrein, tot het punt waar ik nu sta.

Ook bij de elite verloor ik eerst een paar keer, maar ook daar volgden brons, zilver en vervolgens steeds vaker goud op toernooien. Het eerste hoogtepunt was toch wel dat ik in 2015 derde werd van Europa. Dat was ook wel een moment waarop ik besefte wat er mogelijk was. Eind 2014 had ik het er met mijn trainer al over om de lijn proberen door te trekken richting Rio. Zelf had ik 2020 als debuut in gedachten, maar ik gaf zelf al wel aan dat ook al wel voor deze Olympische Spelen wilde gaan. Dat ik vervolgens het kwalificatietoernooi won, waar een plaats bij de laatste vijf al voldoende was, was heel mooi.

‘Spelen geven een magisch gevoel’
Mijn droom werd werkelijkheid. Want mijn droom, dat was het. Al sinds ik dertien was wilde ik naar de Olympische Spelen. Ik weet nog goed dat ik op school moest vertellen wat ik later wilde worden en dat was olympiër. Van droom naar werkelijkheid dus. En de Spelen geven ook echt een magisch gevoel als je er bent. Alle jaren ervoor denk je aan Rio en dan wordt je wakker en is het plots werkelijkheid. Het was ook zoals ik had verwacht. Het is het grootste sportevenement van de wereld en op het moment dat je er bent besef je dat ook wel. Qua sfeer, met het eten in de grote hal en met ontzettend veel landen en atleten aanwezig.

Wat ik zelf heel bijzonder vond was dat iedereen heel vriendelijk was. Boksen is toch vaak een heel zakelijke sport. Maar daar, met alle sporten bij elkaar, kreeg je echt het gevoel dat je er bij hoorde in het geheel. Mijn hoofddoel was natuurlijk om te presteren, maar er was ook tijd voor ontspanning en plezier. Dat had ik eigenlijk nog nooit zo meegemaakt. En de contacten met sporters uit andere sporten heb ik nog steeds. Je leert elkaar daar echt kennen.

‘Ik wil de beste worden’
Deelnemen in Rio heeft me uiteindelijk alleen maar ambitieuzer gemaakt. Mijn ambitie is om de beste te worden. Europees kampioen, wereldkampioen en olympisch kampioen. In Tokio wil ik er staan voor goud. Dat ik in 2017 de meervoudig wereld- en olympisch kampioen versloeg voelde voor mij dan ook ‘normaal’. Natuurlijk was dat bijzonder, maar of ik nu tegen de nummer honderd van de wereld boks of de nummer één; je moet altijd scherp blijven. Dat heb ik in de loop der jaren wel geleerd.

Enrico